ALLES OVER DE KNSALEDEN INFORMATIE
-->
> Home > Overzicht  
 

Delfstblauw voor SV Op de Korrel Kampen

10 december 2007

Het was even zoeken in de bestuurskamer van het (oude) Bondsbureau van de KNSA in Amersfoort. Maar het traditionele Delftsblauwe jubileumwandbord met een doorsnede van 29 centimeter en vervaardigd door Schoonhoven Keramiek lag er nog echt. Met de tekst ‘Schietsportvereniging Op de Korrel, 1952 – 2002’. Het is wat later dan voorzien alsnog aan voorzitter Jelle Kasperman uitgereikt. Op 22 november 2007 om precies te zijn. Door een zware KNSA-delegatie bestaande uit voorzitter Karel Greven en Algemeen-Bestuurslid en voorzitter van District 1 Jan Aartsen. In de gerenoveerde kantine en gepimpte schietbaan aan de Vloeddijk nummer 38 in Kampen. Te bereiken via het antieke poortje.

Op de Korrel vierde die 22ste november met een bescheiden receptie het 55-jarig bestaan. Aanleiding voor de KNSA om het verzuim, een foutje, van vijf jaar geleden, alsnog goed te maken. En wat Kasperman betreft, zonder welke hard feelings dan ook. ‘Zand erover,’ liet hij ‘de beste mensen’ van de KNSA ook weten toen het idee om het jubileumbord alsnog uit te reiken gestalte kreeg. En het was er tijdens het jubileumfeestje ook beslist niet minder gezellig om. Met, ook dat, de kennismaking met Herman van Schellen, het Op-de-Korrel-lid met de meeste schietjaren in Kampen. Meer dan vijftig!

Heel verhaal
Het is een heel verhaal waarom het bord niet ‘gewoon’ is uitgereikt op de receptie ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van Op de Korrel op 23 november 2002. De uitnodiging van toenmalig en ook nog huidig secretaris André Vinke kwam pas op 13 november op het Bondsbureau van de KNSA in Amersfoort binnen en ondanks de nodige pogingen bleek het niet mogelijk op zo’n korte tijd een representatief vertegenwoordiger van het toenmalige Hoofdbestuur naar Kampen te laten afreizen. De verschillende agenda’s waren al overvol. Door misverstanden en communicatiestoornissen lukte het ook niet in de periode kort daarna het met spoed bestelde en afgeleverde bord in Kampen te overhandigen.

Terwijl ‘iedereen’ in Amersfoort in de veronderstelling verkeerde dat de zaak gewoon netjes was afgehandeld, meldde Op-de-Korrel-voorzitter Jelle Kasperman zich eind februari van dit jaar bij het KNSA-bestuur met de mededeling dat er nimmer een bezoek aan zijn club was gebracht in verband met het 50-jarig jubileum. En, zo zei hij, hij zou dat toch wel leuk vinden. Beter laat dan nooit immers. En een toen duidelijk verraste voorzitter Karel Greven - destijds nog geen eerste man in het KNSA-bestuur - draait er nu dan ook zeker niet omheen. ‘Het verdient onzerzijds geen schoonheidsprijs.’ Maar weet dat alles toch op z’n pootjes terecht is gekomen. En, maar dat terzijde, dat het bord nu ook eindelijk op de plaats is waar het hoort. In het historische pand van de club in de binnenstad van Kampen waar Op de Korrel al vele jaren van haar bestaan is gevestigd.

Zwart kruit
Schietsportvereniging Op de Korrel is opgericht op 22 november 1952 en is koninklijk goedgekeurd op 27 maart 1972 .Het is een middelgrote vereniging met gemiddeld circa 60 leden waarvan ongeveer 20% juniorleden. Sinds de oprichting zijn er al vele schutters en schutsters geweest op de schietbaan die 10 schietpunten telt die elk afzonderlijk zowel op 10 als op 12 meter kunnen worden ingesteld. Er wordt in Kampen op de vereniging zowel met lucht als met kleinkaliber vuur geschoten. Ook is er een redelijke groep schutters (15) die met zwartkruitwapens schiet; zo’n dertig jaar al weer. Geïnitieerd toen door Piet Bennink, promotor van het zwartkruitschieten in Kampen. Zelf ooit (in 1987) vierde op Pistool tijdens de Wereldkampioenschappen in Canada. Nog bekender dan Bennink als historische-wapensschutter is voormalig Op-de-Korrel-lid Bert van der Velde die aansprekende successen op Europese en Wereldkampioenschappen heeft behaald. Zwartkruitschieten kan echter niet in het eigen gebouw. Om deze onderdelen van de schietsport te beoefenen zijn de Kampense schutters aangewezen op andere gastvrije verenigingen in de omgeving die wel een langere baan hebben.

SSV Op de Korrel hanteert overigens strikt het principe dat nieuwe leden die de schietsport voor het eerst beoefenen een algemene schietinstructie moeten volgen, gedurende hun ballotage alleen maar met lucht mogen schieten en pas na ballotage en bij voldoende vaardigheid en een minimale leeftijd van 16 jaar, mag ook met kleinkaliber vuur worden geschoten.

Tweede wereldoorlog
Hoewel Op de Korrel na de Tweede Wereldoorlog is opgericht, gaat de geschiedenis van het (sport)schieten in Kampen tot vóór die periode terug. Tot aan de ook daar bekende Burgerwacht. Tijdens de bezetting werd een voormalig lid van de Burgerwacht, Snoep, eigenaar van een machinefabriek, door de Duitse bezetters gearresteerd en ter dood gebracht. Na het einde van de oorlog richtten enkele makkers van Snoep een schietsportvereniging op met de naam Ario, de verzetsnaam van Snoep. Ario betekent in het Javaans overigens zoiets als hoogheid, verwijzend naar mogelijke connecties met het oude Oost-Indie. Een lang leven was de vereniging overigens niet beschoren. Volgens sommige berichten was vergrijzing de oorzaak, volgens andere gebrek aan belangstelling.

Het duurde een aantal jaren, tot eind 1952 dus, voordat het sportschieten in Kampen weer kon worden beoefend. In hotel De Noenzaal namen Theo Bakker, Joop van der Zee, K. Klein , C. Berghuis en W. van der Vegte het initiatief tot de oprichting van Op de Korrel. Ook André van der Meer sloot zich direct bij het clubje aan en werd gelijk de eerste secretaris. Bakker leidde het clubje als voorzitter en Van der Zee nam als penningmeester de zorg voor het geld op zich. Op 1 december, acht dagen na de oprichtingsvergadering, deed hij al zijn eerste grote uitgave: 83 gulden voor een Walther luchtgeweer. ‘Waarschijnlijk een knikbuks,’ weet huidig voorzitter Kasperman. Een van de leden heeft trouwens nog zo’n wapen, Jan Rein Boer.

Wedstrijden
Geschoten werd er in eerste instantie in zaal Nottrot (huur een rijksdaalder), daarna werd verhuisd naar het clubhuis van postduivenvereniging De Postduif en vervolgens naar Ons Huis. En steeds moesten de leden de banen voor iedere schietavond zelf opbouwen en na afloop ook weer afbreken en opbergen. Op de Korrel, dat anno 2007 nog steeds een groepje luchtschutters heeft die veel naar wedstrijden reist, zowel regionaal als nationaal en door de jaren heen rijkelijk gevulde prijzenkasten heeft opgebouwd, heeft een geschiedenis als het om wedstrijden gaat. Al in 1956 werd een grote landelijke luchtwedstrijd georganiseerd in het kader van de H2O-feesten; ter gelegenheid van het sluiten van de dijk om de toekomstige polder Oostelijk Flevoland. Er kwamen in Kampen ook schutters uit België, Duitsland en Frankrijk aan de start. Nico Wildeboer uit Kapen zegevierde.

De wedstrijd, verschoten op het terrein van de ijsclub TOG, betekende tegelijk het beginpunt van de bloei van de vereniging. Was het tot die tijd met zo’n tien namen op de ledenlijst moeizaam, door de groei (Van der Meers dochter Mirjam werd toen ook het eerste vrouwelijke lid) werd het allemaal wat gemakkelijker. In 1977 trok de club in de gebouwen achter de voormalige Vloeddijkkazerne aan de appèlplaats. In de keuken en de manege (volgens sommigen de bijkeuken) werd in eigen beheer, onder leiding van voorzitter Henk van der Weide, een voor die jaren prachtige schietaccommodatie gerealiseerd. Maar liefst 4.200 manuren zijn er door de vrijwilligers in gestopt. Op de ledenlijst stonden toen al 45 namen. Mede door de nieuwe baan werden dat er rond de jaren tachtig meer dan 80. Zo’n 20 meer dan de circa 60 van nu; een aantal dat zich de laatste jaren heeft gestabiliseerd.

Zoektocht
Hoewel dus al jaren schietend aan de Vloeddijk waar de vereniging zoals het er nu naar uit ziet ook nog wel ‘even’ zal blijven, is Op de Korrel naarstig op zoek geweest naar een nieuwe locatie. In de jaren tachtig, zo weet voorzitter Jelle Kasperman, is er al eens een toezegging door de gemeente gedaan en hingen de tekeningen van de nieuwbouw zelf aan de wand. ‘Maar waarom dat plan voor een 50-meterbaan in de prullenbak terecht is gekomen, is voor mij nog steeds een raadsel.’ In ieder geval leek daarna ook een loods van 120 meter lang lange tijd een optie, totdat deze werd gegund aan een middenstander die uit de binnenstad moest verdwijnen. Ook hikte de club tegen het prijskaartje van 450.000 gulden aan. Een pand in de binnenstad leek het te worden, maar bleek met een lengte van 45 meter uiteindelijk toch net te kort. Ook de kelder van het politiebureau had niet de juiste gewenste lengte en bleek al eens te zijn afgekeurd. Een terrein van ruim 100 meter leek wel geschikt, en met de nodige parkeergelegenheid, maar de gemeente gooide roet in het eten. Het terrein moest tot het groene hart van de stad blijven behoren.

‘Allemaal jammer,’ zo zegt Kasperman nu. De club had er volgens hem al afgekeurde tunnelsegmenten voor gereed staan… De huidige, de afgelopen jaren flink opgeknapte accommodatie staat feitelijk in de achtertuin van een muziekschool/annex creatief centrum. En hoewel er ook volgens de Op-de-Korrel-voorman betere locaties denkbaar zijn, is hij er best tevreden mee. ‘Maar aan een combinatie van de huidige accommodatie met elders nieuwe 25- en 50-meterbanen, die we er graag bij willen hebben, is en wordt ook nog wel eens gedacht. Maar dan moet er wel een leuke loods voor ons overschieten.’ Hij hoopt een beetje op de gemeente en zegt dat de club door de jaren heen zonder een cent subsidie heeft gedraaid. ‘We blijven doorvragen.’

Bedrijventoernooi
En tot slot terugkijkend op inmiddels 55 jaar Op de Korrel: ‘Soms waren het roerige jaren, soms rustig. De laatste zestien jaar organiseren we ook het grootste sport-evenement voor niet-leden in Kampen, het bedrijventoernooi. Dit jaar was het in de laatste twee weken van oktober met de finale op 3 november. Zonder de inzet van onze vrijwilligers zou het absoluut onmogelijk zijn de circa 400 schutters gedurende die twee weken in alle rust en orde met de schietsport te laten kennismaken.’ En over de club: ‘Op de Korrel helpt je ook uit de put. Dankzij de humor, de luisterende oren en het medeleven is de stemming op de vereniging bijna altijd super. Hier is even tijd om de frustraties van het leven van alle dag te vergeten, op de club onmoet je echte kameraadschap. Ik heb de idee dat de onderlinge band de laatste jaren alleen maar sterker is geworden.’