| |
VOG
Bij
het aanmelden van NIEUWE leden van 16 jaar en ouder, dient het
mutatieformulier altijd te worden voorzien van een (originele)
Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG), niet ouder dan zes maanden na
afgifte door het COVOG (Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag).
Indien leden van de vereniging reeds over een verlof tot
het voorhanden hebben van een vuurwapen (WM4) beschikken, kan worden
volstaan met het toezenden van een kopie van dit (geldige) verlof.
Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) Bij
velen is de Verklaring Omtrent het Gedrag nog bekend onder de titel
Bewijs van goed gedrag, zoals die verklaring jaren geleden werd
genoemd. Ofschoon de afgifte van een Verklaring Omtrent het Gedrag geen
volledige zekerheid biedt en schietverenigingen erop worden gewezen dat
deze VOG geen garantie inhoudt voor het verkrijgen van een
vuurwapenverlof, heeft de KNSA niettemin het Ministerie van Veiligheid en Justitie
verklaard een VOG te verlangen van schutters van verenigingen die lid
van de KNSA willen worden.
Voor de aanmelding van nieuwe
schutters van 16 jaar en ouder, zijn KNSA-verenigingen, conform artikel
9 van het Huishoudelijk Reglement van de KNSA, verplicht een originele
Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) over te leggen. De afgifte van deze
VOG is verbonden aan een screeningsprofiel dat door het Ministerie van
Veiligheid en Justitie is opgesteld. Dit screeningsprofiel houdt in dat het Centraal
Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag (COVOG) dat deze verklaringen
afgeeft, aan de hand van dat screeningsprofiel, beoordeelt of de
betrokkene wel of geen verklaring krijgt.
In veel sectoren en
beroepsgroepen wordt een VOG vereist. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie
hanteert per sector een eigen profiel. De voorwaarden voor afgifte van
een VOG en de daarop van toepassing zijnde procedures zijn neergelegd
in beleidsregels. Die beleidsregels zijn inmiddels per 1 juli 2008
gewijzigd. Daar waar voorheen voor de afgifte van een VOG voor leden
van schietverenigingen vier (4) jaar werd teruggekeken, wordt nu acht
(8) jaar teruggekeken. Kortom: de voorwaarden voor de afgifte van een
VOG zijn strenger geworden dan voorheen.
Tevens is voor
aanvragen VOG gerelateerd aan de Wet wapens en munitie, dus voor leden
van schietverenigingen, een exclusief screeningsprofiel opgesteld. Dat
screeningsprofiel dat door het Ministerie van Veiligheid en Justitie is opgesteld,
luidt als volgt:
"Met
aanvragen gerelateerd aan de Wet wapens en munitie wordt bijvoorbeeld
een lidmaatschap van een schietvereniging bedoeld. In afwijking tot de
reguliere terugkijktermijn van vier jaren, wordt een terugkijktermijn
van acht jaren gehanteerd. Bij een lidmaatschap van een
schietvereniging is er geen sprake van een werkrelatie. Men wordt in
het kader van de uitoefening van een hobby in de gelegenheid gesteld om
bij de schietvereniging gebruik te maken van een wapen. Daarbij is van
belang dat wapens en munitie een potentieel ernstige bedreiging vormen
voor de veiligheid in de samenleving indien zij in handen komen van
personen die onvoldoende betrouwbaar zijn om met wapens en munitie om
te gaan. Degene die lid wordt van een schietvereniging komt in een
bijzondere positie te verkeren ten opzichte van zijn/haar medeburgers,
voor wie immers het algemene wettelijke verbod geldt om wapens of
munitie (onder meer) voorhanden te hebben. Die positie brengt met zich
mee dat stipte naleving van de (wapen)wettelijke voorschriften wordt
verlangd en dat van hem/haar tevens wordt verwacht dat hij/zij zich
onthoudt van overtredingen die kunnen worden beschouwd als een
(ernstige) aantasting van de rechtsorde.
Derhalve
is een groot aantal aspecten van belang voor dit doel. Zo kan het
voorhanden hebben van stoffen, objecten en voorwerpen e.d., bij
oneigenlijk of onjuist gebruik, personen en goederen, en zelfs de
volksgezondheid in gevaar brengen (personen). Daarnaast bestaat het in
gevaar brengen van het welzijn en de veiligheid van personen, goederen
of de volksgezondheid (diensten, goederen en personen)."
In
verband met de nieuwe beleidsregels en het exclusieve screeningsprofiel
voor aanvragen gerelateerd aan de Wet wapens en munitie, is ook het
aanvraagformulier voor de VOG gewijzigd. In tegenstelling tot in het
verleden, kan nu wel daar waar op het formulier wordt gevraagd waarop
de aanvraag betrekking heeft, exclusief "het lidmaatschap
schietvereniging" worden aangekruist bij code 85.
De
KNSA heeft altijd aangegeven dat de afgifte van een VOG geen volledige
zekerheid biedt en heeft schietverenigingen erop gewezen dat deze VOG
geen garantie inhoudt voor het verkrijgen van een vuurwapenverlof.
Kortom: de Verklaring Omtrent het Gedrag is niet zaligmakend, zo heeft
de KNSA altijd bepleit. Met de inwerkingtreding van de nieuwe
beleidsregels en het daaruit voortvloeiende exclusieve
screeningsprofiel voor leden van schietverenigingen, is de Verklaring
Omtrent het Gedrag een waardevoller document geworden. De KNSA wijst er
wel op dat nog immer de afgifte van een VOG niet gelijk staat aan de
afgifte van een vuurwapenverlof. Feit blijft immers dat voor de afgifte
van een VOG, het Ministerie van Veiligheid en Justitie uitsluitend het Justitieel
Documentatieregister raadpleegt en dat dus alleen onherroepelijke
veroordelingen bij de beoordeling worden meegewogen. Andere informatie,
zoals informatie uit Politieregisters, CRI-informatie en andere
relevantie informatie die niet in het Justitieel Documentatieregister
is opgenomen, wordt bij de beoordeling van de aanvraag van een VOG niet
betrokken.
Het KNSA-bestuur verzoekt
verenigingsbestuurders dan ook niet blind te varen op een VOG, maar ook
zelf een nauwkeurige ballotage op nieuwe leden uit te voeren en er
rekening mee te houden dat, wanneer een VOG wordt afgegeven, nog immer
de mogelijkheid bestaat dat een aanvraag van een vuurwapenverlof wordt
geweigerd. Bovendien is van belang dat verenigingsbestuurders zich
realiseren dat een Verklaring Omtrent het Gedrag een momentopname is.
In tegenstelling tot een vuurwapenverlof dat, wanneer een strafbaar
feit wordt gepleegd, kan worden ingetrokken, is dat bij de VOG niet het
geval; die kan immers niet worden teruggevraagd of ingetrokken.
VOG voor luchtdrukverenigingen Verplichte
overlegging van een VOG geldt voor alle verenigingen die zich bij de
KNSA hebben aangemeld. Het uitgangspunt van die VOG is dat geen
schutters worden aangemeld en dus ook geen personen de beschikking
krijgen over een KNSA-licentie, indien deze personen dusdanige
strafbare feiten hebben gepleegd dat een Verklaring Omtrent het Gedrag
door het Ministerie van Veiligheid en Justitie niet wordt afgegeven. Dat uitgangspunt
en dat principe geldt ook voor diegenen die gebruik maken van
luchtdrukwapens en dus ook voor verenigingen waarbij uitsluitend
luchtdrukwapens worden gebruikt. Kortom: de overlegging van een VOG
geldt ook voor luchtdruk-schietsportverenigingen.
Reeds bij de KNSA aangesloten schutters Het
is zeer wel denkbaar dat nieuw bij de KNSA aangesloten verenigingen
leden aanmelden die reeds bij een andere bij de KNSA aangesloten
schietvereniging lid zijn. In dat geval worden die personen als
niet-contributieve schutter bij de nieuwe vereniging ingeschreven.
Aangezien die in de hoedanigheid van het lidmaatschap bij een reeds bij
de KNSA aangesloten schietvereniging, reeds over een KNSA-licentie
beschikken is de verplichte overlegging van een VOG niet opportuun.
Kortom: voor reeds bij de KNSA aangesloten schutters geldt de
verplichting een VOG over te leggen nog niet.
Junioren Het
doel van de afgifte van een VOG is dat uitsluitend nieuwe leden worden
aangemeld en over een KNSA-licentie kunnen beschikken, indien zij niet
voorkomen in de justitiële registers. Er is geen wettelijk vastgelegde
minimumleeftijd voor het gebruik van vuurwapens. Dat betekent dat ook
junioren (jonger dan 21 jaar) gebruik kunnen maken van vuurwapens.
Bovendien geldt ook bij junioren het uitgangspunt en principe dat geen
junioren lid van een schietvereniging kunnen worden indien zij
strafbare feiten gepleegd hebben. Gezien echter de procedure voor de
aanvraag van een VOG en de daaraan verbonden financiële consequenties
zal de drempel voor het lidmaatschap van een schietvereniging hoger
worden indien de overlegging van een VOG vereist wordt. Bovendien is
het te verwachten dat niet alle junioren zonder meer bij
schietverenigingen gebruik maken van vuurwapens. Het adagium van
schietverenigingen is in zijn algemeenheid dat pas vanaf 16 jaar en
ouder, het gebruik van vuurwapens geoorloofd is. Uiteraard geschiedt
dat onder begeleiding, met gebruikmaking van een verenigingswapen.
Vanuit die gedachte is het gerechtvaardigd een Verklaring Omtrent het
Gedrag te verzoeken voor die schutters van 16 jaar en ouder, die nieuw
worden aangemeld, alsmede die schutters die in het desbetreffende jaar
van aanmelding de 16-jarige leeftijd zullen bereiken. Een Verklaring
Omtrent het Gedrag kàn worden aangevraagd vanaf een leeftijd van 12
jaar.
Geldigheid VOG Overeenkomstig
de richtlijnen voor het KNSA-lidmaatschap, dienen leden van nieuwe
KNSA-verenigingen een recente Verklaring Omtrent het Gedrag over te
leggen; in plaats daarvan kan ook een kopie van een daaraan minimaal
gelijkgesteld document, zoals een geldig verlof tot het voorhanden
hebben van een vuurwapen, worden overgelegd. Het is niet ondenkbaar dat
leden van nieuwe verenigingen reeds in een eerder stadium, op verzoek
van de desbetreffende vereniging, die Verklaring Omtrent het Gedrag
hebben overgelegd. Dientengevolge kan zo'n verklaring reeds enige jaren
oud zijn. Om daarin duidelijkheid te verstrekken, mag de verklaring op
het moment van overlegging bij de KNSA niet ouder zijn dan een half
jaar (6 maanden) na datum afgifte COVOG. Bovendien dient de originele
verklaring te worden overgelegd. Wij adviseren verenigingen daarvan
zelf een kopie te behouden.
Verklaring Omtrent het Gedrag voor buitenlanders Een
Verklaring Omtrent het Gedrag wordt afgegeven door het Ministerie van
Veiligheid en Justitie. De aanvraag geschiedt door tussenkomst van het
Gemeentebestuur van de woonplaats van betrokkene. Om die aanvraag bij
het Gemeentebestuur te kunnen doen, dient de betrokkene te zijn
ingeschreven in de Gemeentelijke Basisadministratie van de
desbetreffende Gemeente (afdeling Burger-/Publiekszaken).
Voor
personen die niet over de Nederlandse nationaliteit beschikken maar wel
woonachtig zijn in enige Nederlandse Gemeente, kan dus ook een
Verklaring Omtrent het Gedrag worden aangevraagd.
Voor
diegenen die niet woonachtig zijn in Nederland geldt voor de personen
die de Nederlandse nationaliteit bezitten, dat zij rechtstreeks een
aanvraag voor een Verklaring Omtrent het Gedrag kunnen indienen bij het
Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag (COVOG). Personen die na
oktober 1994 naar het buitenland zijn verhuisd, kunnen zich nog wenden
tot de Nederlandse Gemeente waarin zij woonachtig zijn geweest,
aangezien na die datum deze Gemeente nog beschikt over hun
GBA-gegevens.
Voor diegenen die niet over de Nederlandse
nationaliteit beschikken en woonachtig zijn in het buitenland en nimmer
in Nederland woonachtig zijn geweest, is het niet mogelijk een
Verklaring Omtrent het Gedrag aan te vragen. In dat geval dient de
betrokkene een kopie van een aan het VOG gelijkgesteld document, zoals
een wapenvergunning, vanuit het land waarin de betrokkene woonachtig
is, over te leggen.
Hoe werkt de aanvraag van een VOG? Download hier een voorbeeld van het aanvraagformulier met invulinstructie van een VOG. Download hier het officiële aanvraagformulier voor een VOG.
Potentiële
leden van schietverenigingen kunnen een VOG aanvragen bij het
Gemeente-bestuur van hun woonplaats, bij de Afdeling
Burger-/Publiekszaken; althans, ervan uitgaande dat zij daar zijn
ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie (GBA).
Het aanvraagformulier dient door de aanvrager (sportschutter) en het bestuur van zijn of haar vereniging ingevuld en ondertekend te worden.
De sportschutter dient op het formulier de gegevens bij punt 1.1 en 1.2 op de eerste pagina in te vullen.
Vervolgens moet het bestuur van de vereniging op pagina 2 en 3 de vragen 2.1, 2.2 en 2.3 invullen. Vraag 2.4 behoeft niet ingevuld te worden.
Bij vraag 2.2. dient “Overig” te worden aangekruist en als omschrijving te worden ingevuld “Lidmaatschap schietvereniging”.
Op diezelfde pagina moet een paraaf en een stempel van de vereniging worden geplaatst en op pagina 3, moet onder vraag 2.3 als doel voor de aanvraag keuze 85, te weten “Lidmaatschap schietvereniging” te worden aangekruist.
Het formulier moet vervolgens op pagina 4 bij 2.6 worden ondertekend door het verenigingsbestuur en te worden voorzien van een stempel.
Vraag 3 wordt ingevuld door het desbetreffende Gemeentebestuur.
Indien de aanvraag wordt
gehonoreerd, wordt de Verklaring Omtrent het Gedrag aan het huisadres
van de aanvrager (schutter) rechtstreeks toegezonden.
Digitale VOG-aanvraag
Sinds 1 januari 2012 is het tevens mogelijk om een VOG digitaal aan te vragen. De voordelen hiervan zijn dat dit gemakkelijker en sneller gaat omdat het niet meer nodig is om naar het gemeentehuis te gaan voor dit formulier; er hoeft ook niet meer zo’n groot formulier te worden ingevuld, en bovendien is het elektronische aanvraagformulier goedkoper. Het tarief voor een normale VOG-aanvraag bedraagt momenteel € 30,05 terwijl voor een digitaal aangevraagd VOG dit tarief € 24,55 is.
Deze elektronische VOG-aanvraag moet worden geïnitieerd door de organisatie die de VOG verlangt, in dit geval dus de schietvereniging. Daarvoor is het noodzakelijk dat het bestuur van de schietvereniging eerst de aanvraag voor de VOG doet en daarvoor dienen zij gebruik te maken van de zogenaamde e-Herkenning. Het verenigingsbestuur moet daarvoor een e-Herkenningsmiddel aanschaffen; daarvoor zijn verschillende aanbieders. Meer informatie over e-Herkenning is te verkrijgen op www.eherkenning.nl.
Nadat de vereniging de VOG-aanvraag heeft ingediend, wordt die klaargezet voor het potentiële lid dat de aanvraag uiteindelijk moet doen. Het kandidaat-lid kan de aanvraag dan via www.digid.nl definitief indienen.
Controle van de echtheid VOG Het
Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag (COVOG) heeft
voorzorgsmaatregelen genomen, zodat een VOG zeer moeilijk is na te
maken. De echtheid van de VOG kan eenvoudig worden vastgesteld.
Uiteraard wordt de echtheid door het KNSA-bondsbureau gecontroleerd,
maar het is van belang dat ook verenigingsbesturen de echtheid
controleren om te voorkomen dat er sprake is van een vervalsing. De
echtheid van een VOG kan alleen worden vastgesteld bij een origineel
exemplaar en hieronder treft u een aantal aandachtspunten aan om die
VOG-echtheid vast te kunnen stellen:
- Het papier van de VOG is voorzien van een achtergrondtekst. Na het kopiëren verschijnt de tekst “kopie”. Wanneer u een kopie van de originele VOG maakt, ziet u doorlopend herhaald als achtergrondtekst “kopie” verschijnen. U weet dan dat deze kopie gemaakt is van een originele VOG. Als in plaats van de achtergrondtekst slechts een grijs raster verschijnt, betreft dit niet een kopie van een originele VOG.
- Het papier is voorzien van een karakteristiek golvend watermerk. Wanneer u het papier tegen het licht houdt, ziet u diagonaal slingerde lijnen verschijnen. Het watermerk is goed te zien. Beveiliging van het papier middels een watermerk is effectief en treft u bijvoorbeeld ook aan in eurobiljetten.
- Onder een UV-lamp blijft het papier donker en zullen zowel kleine vezels in het papier als het beeldmerk rechtsonder oplichten, verder verandert het nummer van kleur. Hier wordt het blauwe nummer bedoeld dat u aantreft in de rechterbovenhoek van de VOG.
|
|